maandag 26 januari 2015

Reus - 1e lj

Reus - 1e lj

AD 8: De leerlingen kunnen genieten van een kunstzinnige expressie of een kunstwerk
AD 19: Genoegen beleven aan muzisch bezig zijn.

Domeinen:
Beeld:
-vormen voorstellen door een omtreklijn, door vlakken of volumes.
-de oppervlakte van het tekenpapier functioneel aanwenden
-een vorm zodanig versieren dat het karakter ervan wordt versterkt.

Muzikale opvoeding
-zingen
-hun bewegingen afstemmen op de muziek


Verloop van de activiteit

1) Instap
Waarom zijn de mensen bang van een reus?

Toon de kijkplaat!



Enkele vraagjes:
-Wat zien jullie?
-Vinden jullie de afbeelding eng of grappig?
-Welke kenmerken hebben de figuren?

Laat de leerlingen nu zelf een reus tekenen naar keuze. Hij mag grappig of eng zijn. De leerlingen mogen hun fantasie laten werken en een nieuw soort reus ontwerpen.

2) De leerlingen tekenen naar eigen keuze met houtskool, kleuren in, wrijven uit.














De resultaten!












We bespreken de werkjes:
-Welke reus vind je het engst?
-Welke reus vind je grappig?
-Welke kenmerken heeft de enge/grappige reus?
-Stel dat je opnieuw een enge/grappige reus tekent. Op welke manier zou je je reus anders tekenen?

3) Reus zingen en stappen.

Laat het lied horen!




Tekst lied:



Groot of klein!
 Ik ben een hele grote reus.

Ik stamp zo hard en ik lach zo luid,

je ziet en hoort mij al van ver.

Ik ben een hele grote reus.



Stamp Stamp

HA HA HA HA HA
Stamp Stamp
HA HA HA HA HA
Stamp Stamp
HA HA HA HA HA
Ik ben een  hele grote reus!

Maar soms maak ik de mensen bang.
Dan maak ik mij een beetje klein, 
dan stap ik zacht en dan lach ik stil.
Ik ben een hele kleine reus.

Stap stap
HI HI HI HI HI
Stap Stap
HI HI HI HI HI
Stap stap
HI HI HI HI HI
Ik ben een hele kleine reus.



De leerlingen stappen mee als grote of kleine reuzen in het refrein.












maandag 19 januari 2015

Uit de kast - 2e lj

Uit de kast - 2A

AD 11: Het muzisch bezig zijn zelf kunnen verrijken en sturen (leren leren)
AD 18: De lln kunnen werken vanuit het geloof in eigen kunnen.


Domeinen:
1) Beweging:
-De leerlingen kunnen experimenteren met verschillende aspecten van de tijd zoals volgorde, metrum en ritme.
-De leerlingen kunnen bewegingen nauwkeurig nabootsen.
-De leerlingen kunnen verschillende houdingen en bewegingen exploreren.


2) Muzikale opvoeding:
-De leerlingen kunnen de eigen beweging afstemmen op klank en muziek.
-De leerlingen kunnen een muziekstuk ontwerpen vanuit een buitenmuzikaal gegeven




Verloop van de activiteit!

Instap!

Kijk naar de film "Music for one appartment and six drummers!



Enkele vraagjes:
1) Wat vind de boeiend in de film?
2) Wat is voor de grootste verrassing in de film?
3) Welk geluid had je nog nooit gehoord?
4) Wat moet je kunnen om zo'n muziek te spelen?
5) Welk stuk vond je het mooist, spannendst, grappigst en waarom?
6) Hoe zouden de heer en de dame zich voelen als ze de muzikanten zien?
7) Waarop in deze ruimte zouden wij allemaal muziek kunnen maken?


Van bewegingen naar dans!

Kleren kiezen!

Iedereen staat zogezegd voor zijn kleerkast en zoekt kleren om aan te trekken. Maak grote bewegingen en trek een onzichtbaar kledingstuk aan: schoenen, een jas. Voer dit uit op een muziekje.



De meisjes van 2A!



De jongens van 2A!





Een dansstukje!

Voer samen met de lln het dansje uit!

-vier tellen met de linkerhand alsof je kapstokken wegschuift (naar links) + vier tellen met de rechterhand naar rechts.
-herhaal dezelfde bewegingen
-in twee tellen alles naar links schuiven, in twee tellen alles naar rechts + dit nog eens herhalen
-in vier tellen je klaar maken om in de kast te springen, op de vijfde tel spring je in de kast en trek je iets aan en sta je op het einde in een houding.

Doe dit nu eens helemaal alleen!


De meisjes van 2A



De jongens van 2A




Zelf muziek maken!












Onderzeeboot (1e lj) deel 2

Onderzeeboot (1e lj) deel 2

AD 4: Gevoelig zijn voor het overdrachtelijke of symbolisch karakter van een muzische expressievorm
AD 17: Gericht zijn op een verstaanbare of sprekende vormgeving

Domeinen:
Deel 1: beeld (boten ontdekken) zie één van de vorige activiteiten


Deel 2:
Bewegingsexpressie:
-verschillende houdingen en bewegingen exploreren,
-spelen met evenwicht in houdingen en bewegingen.

Drama:
-de wezenlijke aspecten van dramatisch spel ervaren: rol en handeling
-genieten van de fantasie, originaliteit en creativiteit in dramatisch spel.
-bewegingen en mimiek aanpassen aan de spelsituatie

  

Verloop van de activiteit.


Avonturen beleven

Dit is Anton!
Stap 1: Lees het volgende verhaal voor.
Anton zit in een klein tuintje midden in de grote stad. Hij zit daar de hele ochtend. Door zijn wimpers kijkt hij naar de wolken die als boten boven de gebouwen verschijnen en weer verdwijnen.

Anton heeft boeken gelezen. Over leerlingen die spannende avonturen beleven achter de verre horizon. Anton vraagt zich al de hele zomer af waar die horizon is. En vooral hoe die leerlingen daar zijn terechtgekomen.

Stief leest geen boeken. Hij heeft het veel te druk met boeven vangen. Stief loopt over de muren, blaast op zijn fluitje en duikt plots met een schreeuw een tuintje in.

"Halt! Niet bewegen!" roept Stief. En zijn enige vraag is: "Waarom heb je zulke rare kleren aan?"

Anton zwijgt. Als hij zegt dat zijn mama nog zijn kleren uitkiest, wordt hij gevangen genomen. Dat weet hij zeker. Anton denkt heel diep na en weet dan het juiste antwoord. "Omdat ik een onderzeeboot ga bouwen. Een onderzeeboot van tien meter hoog en twintig meter lang."

"Een onderzeeboot!" roept Stief. "We bouwen een onderzeeboot! Met een pijp om boven water te kijken." Anton wil nog zeggen dat zo'n pijp eigenlijk periscoop heet, maar Stief heeft al een oorlogsschip in het vizier...

"Kijk hier! Een venster om onder water te kijken!" En hup, Stief gooit het water uit de emmer en bewondert de wondere wereld van de diepzee. Zo'n venster heet eigenlijk een patrijspoort, wil Anton nog zeggen, maar zijn mond valt open.

Met donderend geraas verschijnt een inktvis van minstens drieduizend kilo. "Pas op, zijn armen willen ons pakken," gilt Stief. Anton wil zeggen dat die armen eigenlijk tentakels heten, maar van schrik blijven de woorden in zijn keel steken.

Stief klim vliegensvlug langs de ladder omhoog. Anton blijft staan. Zijn mama heeft al duizend keer gezegd: "dit mag niet en dat mag niet, en op de ladder mag al helemaal niet. Anton twijfelt tussen de ladder en de inktvis. En kiest voor de ladder. De verboden ladder.......

Stap 2: enkele vraagjes over het verhaal.
1) Wie is Anton?
2) Wie is Stief?
3) Hoe weet je dat?
4) Wat is het verschil tussen hen?
Anton is een boekenworm en mag niet veel van zijn mama. Stief is een avonturier, speelvogel en beweegt vrij over de tuintjes.

Stap 3: Speel Anton die naar de wolken kijkt.
Toon enkele afbeeldingen van wolken. Bij de de 2e maal vraag je aan de leerlingen wat ze allemaal in de wolken kunnen zien. Gebruik jullie fantasie. 















Stap 4: Boven op de daken! 

Deze bewegingsexpressieactiviteit voer je het best uit in een open ruimte zonder hindernissen. Maak gebruik van een handtrom of tamboerijn.

Op het ritme van de handtrom bewegen de lln verspreid door elkaar, op signaal bevriezen ze de beweging. Vraag aan de lln om rekening te houden met de anderen: ze mogen elkaar niet aanraken (dus ook niet botsen)

1) Neerzitten zoals Anton naar de wolken kijkt.



2) Jezelf heel groot of klein maken.





3) Jezelf rond of hoekig maken





4) Jezelf breed of smal maken



5) Jezelf stijf (gespannen) of slap (ontspannen) maken

Stap 5: In de tuinen rond het huis van Anton.

Verdeel de klas in duo's. Elk duo speelt op hetzelfde moment de scène. Doe dit voor de 4 scènes. Vertel eerst wat de lln moeten spelen, laat ze de rollen verdelen en dan  spelen de leerlingen de scène zonder tekst. Er is geen kijkmoment, iedereen is op hetzelfde moment bezig.

Scène 1: Je bal vliegt over tot bij de buren tegen het hoofd (en het nette kapsel) van de buurvrouw. De buurvrouw is boos, neemt een mes en wil de bal stukmaken. Jij bent verdrietig. Plots gaat de telefoon en verdwijnt de buurvrouw naar binnen. Je haalt stiekem de bal terug. 

Scène 2: Je wil een banaan eten, je pelt de banaan en gooit de schil bij de buren. Daarna eet je nog snoep en ander lekkers. Telkens gooi je het afval bij de buurvrouw. Die merkt al het afval en ziet waar het vandaan komt. Ze verzamelt alles en gooit het terug.

Scène 3: Je krijgt een cadeautje en je bent superblij. Je doet de verpakking open en je krijgt een vliegtuig met afstandsbediening cadeau. Na wat prutsen kan je het vliegtuigje ineensteken en begint het te vliegen. Oei, het landt bij de buren...je bent verdrietig.

Scène 4: Je bent een baby en je zit tussen de blokken te spelen. Mama is druk aan het telefoneren, je wil dat ze kijkt maar dat lukt niet. Het lukt je maar niet om een toren te bouwen. Je wordt boos en gooit de blokken weg. Na de boze bui probeer je opnieuw en het lukt. Je bent heel fier, mama kijkt wat er aan de hand is.








zaterdag 10 januari 2015

Driekoningen 2A




Driekoningen!


domeinen: beeld, muzikale opvoeding en drama


1) Knippen, plakken, tekenen, kleuren,....





















2) Bewonderen,....






  3) Coole koningen van 2A





4) Het koningenkoor