woensdag 6 maart 2013

Kronkels (2e graad)

Kronkels (2e graad)
Volgens methode Muzische vorming Mikado 4

AD 1: Intensief gebruik maken van alle zintuigen
AD 18: De lln kunnen werken vanuit het geloof in eigen kunnen.

Domein
Muzikale opvoeding:
 
- de eigenheid van een melodisch motief herkennen en visualiseren
 - begrijpen hoe een melodielijn visueel kan weergegeven worden en welke spanning een melodie opwekt in
   muziek
- een eigen melodie improviseren

 Beeld:
- zich inleven in de zeggingskracht van beelden
- experimenteren met allerlei materialen (kleurpotloden, wasco, stiften,...
- verschillende vormen van lijnen toepassen in een tekenwerk


Verloop van de activiteit.

Instap

Teken een korte verticale lijn op het bord. Vraag aan de lln wat dit voorstelt. (diverse antwoorden mogelijk). Zet een stipje onder je verticale lijn: het wordt een uitroepteken.

Doe nu hetzelfde met een cirkeltje dat bijna dicht is. (weer diverse antwoorden mogelijk) en maak er daarna een @ van.

Teken tenslotte een ampersand & en vraag wat dit is. Lees het Ampersandgedicht.

"Een "en" is simpelweg een "en" maar een ampersand schept een band"

Lijn in muziek
Werkblaadjes uitdelen (zie hieronder)




1) Zie werkblaadje

2) Je eigen melodielijn
Teken zelf een melodielijn. Kies een letter waarmee je de lijn wil zingen. Schrijf deze in het vakje.

Actief luisteren
CD Muzische vorming Mikado 4

3) Verbind de lijnen met de juiste muziek.

Stap 1
Bekijk de 6 melodielijnen op het werkblaadje. Hoe zouden deze kunnen klinken? Dalend, stijgend, golvend.
Verwoord samen met de lln: "De melodie zal a.h.w. in boogjes naar beneden vallen."

Stap 2
Met de armen boots je de beweging van de 1e melodielijn na (zonder muziek)

Stap 3
Luister nu naar fragment 1 (nr 2 op de CD).
Daarna beweeg je met de handen mee op het moment dat de figuur te horen is.

Stap 4
Luister naar de 4 andere muziekstukken. Welke melodielijn hoor je? Schrijf in het kadertje bij elke melodielijn een cijfer van 2 tot 5.

Stap 5
Oefen voor de 5 muzieklijnen de armbeweging in.




Stap 6
Luister naar muziekfragment 6 (nr 10 op CD).
Verzin zelf een melodielijn en voer een passende beweging uit.
wie durft dit eens te tonen?

4) Serenade (lied zie werkblaadje) (nr6 op CD)
Nu gaan we elf van lijnen echte muziek maken. Kruip in de huid van de arme jongeling en zing het lied "Serenade". In de tussenstukjes zingen we zelf onze eigen serenade (vb lalalalala...)

5) Kronkelig Kunstwerk

a) Zoek uit hoe je met verschillende technieken lijnen kunt tekenen (wasco's, potloden, stiften,..)
b) Gebruik de melodielijn van de vorige oefening. Inspireer je op de verschillende fragmenten.
c) wijs 1 soort lijn aan die je meerdere keren ziet in je werk.
Leerlingen tekenen lijnen. Ondertussen beluisteren de lln de verschillende fragmentjes nog eens opnieuw.
 






En dan de kronkelige kunstwerken zelf



maandag 4 maart 2013

Dansstijlen en stijldansen (2e lj)

Verloop van de activiteit "dansstijlen en stijldansen" (2e lj)

AD 3: De eigenheid van de muzische expressievorm begrijpen en waarderen.
AD 14: Technische vaardigheden in verband met muzische vormgeving trachten te beheersen


Domein: beweging
De leerlingen kunnen:
-bewegingen nauwkeurig nabootsen
-samen een bewegingsopdracht uitvoeren
-illustreren hoe beweging en dans waardevol kunnen zijn in het dagelijks leven
-een persoonlijke stijl ontwikkelen en durven tonen.

Instap
Vraag aan de leerlingen wie er graag danst?
Heeft er iemand een broer of zus die danst?
Laat de leerlingen hierover vertellen.
Lees de instaptekst over Sien, Imme, Victor en Manu.

"Sien danst in een theaterdansvoorstelling. Imme volgt elke week balletles. Victor en Manu dansen in een volksdansgroep. Allemaal dansen. Maar toch telkens weer anders. Ken jij die soorten dans? Hier komen ze..."

1) Allemaal dansen
stap 1:
We kijken naar fragmenten op de DVD (Muzische Vorming Mikado 2)
3 soorten: -moderne dans
                -ballet
                -volksdans

stap 2:
Ballet: heel sierlijk
volksdans: samen dansen op afgesproken passen en figuren
moderne dans: dansers verzinnen zelf de dans

2) Kinderen dansen
Moderne dans
nr 4 op CD muzische vorming Mikado 2

Stap 1:
De lln stappen rond in de zaal. We doen alsof het regent.
Als de muziek stopt, vang je spetters op:
-je handen
-je hoofd
-je voeten
-je ellebogen
-je rug
-je buik

Stap 2:
Als de muziek stopt, staan de lln stil en doen ze alsof ze moeten schuilen voor de regen. ZE blijven even staan en als de muziek terug start, stappen ze weer rond.




Stap 3:
Zeg dat er overal plassen liggen, doe alsof je met je laarzen in de plassen springt. Je gaat van plas naar plas.



Stap 4:
De leerlingen worden in groepjes verdeeld en krijgen de opdracht om nu zelf een dans te maken met de volgende bewegingen: regendruppels opvangen - schuilen - springen in de plassen.
De dans wordt ingeoefend. Zie hieronder.



Stap 5:
Toonmoment
                                                          Imke, Nick, Farid en Marinka



                                                             Obi, Noa en Kenji



                                                     Robbe, Larisa, Shawn en Yentel




                                                      Samson, Lenie, Inka en Alejandro



Muziekjacuzzi

Sessie met Yves Bondue

Enkele sfeerbeelden.




















Klinkende klanken (3e graad)

Muzisch taalgebruik: "Chinese taalles" muziek en poëzie.

Verloop van de activiteit

1) Beluisteren van een Chinees geluidsfragment.
www.gedichtendag.com/2013/basisonderwijs

2) Wie herkent deze taal?

3) De leerlingen krijgen de opdracht om hun naam te beluisteren in het Chinees en deze op te schrijven zoals men het hoort. 
Daarvoor gebruikt men www.google vertalen. Typ links de voornaam in. Selecteer de juiste taal (van Nederlands naar Chinees traditioneel) en klik op "vertaal". Beluister de Chinese uitspraak van je naam door op de luisprekenr te klikken. De lln schrijven de Chinese naam zoals ze het zelf horen.

4) We beluisteren het Chinees-Nederlans gedicht-lied van Willem Wilmink. Laat de lln bij de 2e maal ritmische meetikken (met potloden of Chinese eetstokjes)

   

Taugeh taugeh the tjong khing,
ik wou dat ik naar China ging,
taugeh taugeh tsjeu la ling,
hoor eens wat ik zing:
Li tsjeh li tsjeh loempia,
Loempia fong leng.

Peking nanking goe loe jok,
Sla de maat maar met je stok.
Foe jong haj, tsjap tsjoi, tai pé
Zing maar allemaal mee:
Li tsjeh li tsjeh loempia,
Loempia fong leng.

Op de brug daar stond een heer,
hij zag sterren in het meer.
Visjes, visjes af en aan,
Zwommen langs de maan.
Li tsjeh li tsjeh loempia,
Loempia fong leng.

Willem Wilmink
Uit: Verzamelde liedjes en gedichten (Bakker, 2004)

Over de auteur
Willem Wilmink (1936-2003) schreef liedjes, gedichten en verhalen voor kinderen en volwassenen. Zelf zag hij geen verschil tussen zijn gedichten en liedjes. Samen met o.a. Hans Dorrestijn en Fetze Pijlman schreef Wilmink dan ook vele (liedjes)teksten voor televisieprogramma’s als  “De Stratemakeropzeeshow, Het Klokhuis, Kinderen voor Kinderen en Sesamstraat”.


Schrijf de onderlijnde woorden in de juiste kolom


ETEN (6)
STEDEN (3)
PERSONEN (3)































5) Opdracht
Schrijf de onderlijnde woorden in de juiste kolom.
Kent de schrijver echt Chinees?
Kennen jullie nog Chinese woorden die niet in het gedicht voor komen?



6) Lees of laat het gedicht nog eens horen. De kinderen geven opnieuw de maat aan. Wie kan, zegt of zingt het refrein mee. Waarom schrijft de dichter "zing maar allemaal mee"? en "sla de maat met je stok"? Is het een taalles op muziek? Of zit de muziek in de taal zelf? In welke woorden bijvoorbeeld?

7) De de lln laten kennismaken met de geschreven versie (met Chinese tekens) en de Chinese vertaling.



8) Opdracht: Breng per 2 het gedicht muzisch naar voor. Gebruik je creativiteit.

9) Extra info over het Chinees
Chinees is een toontaal. Afhankelijk van de toonhoogte waarop een woord uitgesproken wordt, krijgt het een andere betekenis. Het Chinees kent vier tonen: een hoge, constante toon (= eerste toon), een stijgende toon (= tweede toon), een eerst dalende, dan stijgende toon (= derde toon) en een dalende toon (= vierde toon).

Videobewerking

Filmen met de I-Pad

Via onderstaande link kan je alles te weten komen hoe je met de i-pad op een zeer eenvoudige manier kan filmen en monteren.

https://sites.google.com/site/muzocoach1213/videobewerking/Filmtips.pptx?attredirects=0
https://sites.google.com/site/muzocoach1213/videobewerking/Filmtips.pdf?attredirects=0
https://sites.google.com/site/muzocoach1213/videobewerking/Live%20Movie%20Maker.pdf?attredirects=0


Het onderstaande filmpje maakten Jasper en Maxime. De moeite waard om dit eens te bekijken.

 https://sites.google.com/site/muzocoach1213/videobewerking

Leerlijn, algemene doelen, evalueren...

Sessie met Ines Vandoorne


Enkele sfeerbeelden













vrijdag 1 maart 2013

Voetje voor Voetje - 1e lj

Verloop van de activiteit "voetje voor voetje" (1e lj)

AD 3: De lln kunnen de eigenheid van de muzische expressievorm aanvoelen, begrijpen en waarderen.
AD 14: Technische vaardidgheden ivm muzische vormgeving trachten te beheersen

Domein: beweging 

De leerlingen kunnen:
-genieten van het lichaam in beweging
-experimenteren met verschillende aspecten van tijd, kracht en ruimte
-onder begeleiding een dans ontwerpen
-improviseren en improviserend reageren 


Instap 
Wie danst er graag?
Wie durft een dansbeweging voordoen?

Stap 1: Hoe maak je een dans? 

-Bekijken van een DVD (Muzische vorming Mikado 1)

-Enkele vraagjes:
Is stappen, lopen, draaien....dansen?
Moet je veel bewegen om te dansen?
Is dans altijd op muziek?
Kan je buiten dansen?
Kan iedereen dansen?

Stap 2 : Iedereen kan dansen.
CD nr. 25 Muzische vorming Mikado 1

1) per 2 elkaar fictieve ballen toegooien

      -een heel zware bal
       -een springbal
       -een klein balletje






           -op muziek een licht veertje volgen




2) Houding op een stoel aannemen. De Lk doet voor hoe je op verschillende manieren op een stoel kan zitten. De lln geven nog andere ideeën. Gespannen en ontspannen houdingen aannemen, op verschillende manieren een overgang maken (plots en krachtig, traag en zwak)





3) Doe de bewegingen na.


4) Creëer zelf een dans (naast, voor, achter en op de  stoel)